Taal/lezen
Veilig leren lezen
![]() |
We gebruiken in groep 3 de methode 'Veilig Leren Lezen,
2e maanversie’. In de methode wordt gewerkt met verschillende groepen. |
Elke kern heeft een eigen thema. De maangroep en de zongroep hebben hetzelfde thema. In kern 1 worden de woorden ingeleid met een prentenboek. In de andere kernen worden de woorden geïntroduceerd met een ankerverhaal in een reuzenleesboek.
| De eerst 6 kernen hebben allemaal een eigen verhaal met een
eigen kleur. In de eerste periode (kern 1 t/m 6) ligt het accent op het
aanleren van de elementaire leeshandeling met daarnaast aandacht voor leesbegrip,
spelling en creatief schrijven. Bij elke kern hoort: een reuzenleesboek, woordkaarten met bijbehorende platen, woorden in het woorddoosje, de speelleesset, knipoogbladen, stempels, een leesboekje, zelfleesboekjes en een werkschrift. Deze materialen zijn voor iedere kern in een eigen kleur (bijvoorbeeld bij kern 1 rood en bij kern 2 geel). De kinderen hebben een eigen letterdoos en een klik-klak-boekje met de aangeleerde klanken. We werken met het computerprogramma van Veilig Leren lezen. De kinderen krijgen regelmatig een beurt aan de computer. Bij het hoofdstuk software/ict kunt u meer lezen over het computerprogramma. Hakken en plakken is een andere term voor spellen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van structureerstroken. De kinderen maken hierbij een verdeel-beweging. |
![]() |
![]() |
In de tweede periode (kern 7 t/m 12) worden de leergangen
technisch lezen, begrijpend lezen, spelling en creatief schrijven verder
uitgewerkt. In de werkschriften wordt gebruik gemaakt van pictogrammen. Bij elk nieuw woord (en nieuwe letter) komen dezelfde soort oefeningen steeds terug zoals: - welke woorden zijn hetzelfde? - welke letters ontbreken? - waar zie je de gekleurde letter? - in welke woorden hoor je de …..(klank)? - aankruisen van het goede plaatje - Aan het eind van elke kern is een toets om te zien of de kinderen de aangeleerde stof voldoende beheersen. |
| Voor meer informatie over veilig leren lezen kunt u kijken op: www.veiliglerenlezen.nl | |
Taaljournaal
Sinds het schooljaar 2006-2007 werken wij met de methode Taaljournaal. De nieuwe Taaljournaal is een methode voor taal en spelling voor groep 4 tot en met 8.

Wat motiveert in Taaljournaal is dat kinderen kunnen kiezen uit verschillende
activiteiten. Ze bepalen zelf hoe ze de leerstof willen verwerken.
Taaljournaal biedt elke week maximaal vijf keuzeactiviteiten. De activiteiten
behandelen hetzelfde leerdoel maar sluiten aan bij de verschillende leerstijlen
van kinderen. Het ene kind zal bijvoorbeeld kiezen voor een stelopdracht uit
het activiteitenboek. Het andere kind wil graag aan de slag met een zoekopdracht
op internet. Kinderen kiezen wat ze zelf leuk vinden en krijgen meer plezier
in taal.
Taaljournaal Spelling is gericht op het ontwikkelen van probleemoplossend gedrag
bij kinderen. Kinderen moeten zich bewust worden van moeilijke stukjes in een
woord om zo een passende oplossingsstrategie te kunnen kiezen. Nadrukkelijk
wordt aandacht besteed aan de bewustwording van moeilijke stukjes in een woord
en het gebruik van zogenoemde stappenplannen.
Taaljournaal is een adaptieve methode die aandacht heeft voor de verschillen
tussen kinderen in:
Voor meer informatie kunt u kijken op: www.taaljournaal.nl
![]() |
Schatkist lezen Schatkist lezen gebruiken wij als bronnenboek bij de groepen 1 en 2. In Schatkist staat de taalontwikkeling centraal. De volgende onderdelen komen hierbij aan bod:
Schatkist is opgebouwd rondom 20 voorleesverhalen en bevat allerlei spel- en taalactiviteiten. Schatkist met de muis bestaat uit 5 cd-rom’s. Bij het hoofdstuk
software/ict vindt u hier meer informatie over schatkist met de muis.
Voor meer informatie over schatkist lezen kunt u kijken op: www.zwijsen.nl |
De ontdekset
De ontdekset gebruiken wij vaak bij de spelletjes middagen voor de
oudste kleuters. Deze set bestaat uit negen spelletjes. Het doen van ontdekkingen
op gebied van lezen staat hierbij centraal. De spelletjes bestaan onder meer
uit rijmlotto, woorden puzzel en beginklankdomino.
Lezen in Beeld
Dit schooljaar zijn we gestart met de methode ‘Lezen in Beeld’ ,
een methode voor begrijpend lezen. Lezen in beeld biedt een jaarprogramma voor
34 schoolweken en is opgebouwd uit acht blokken van vier weken. Zes krachtige
leesstrategieën vormen de basis van de leerstof. Maar voor kinderen is
het werken met strategieën vaak lastig. Daarom vertaalt Lezen in beeld
de leerstof in zes sleutels. Met deze zes sleutels kunnen leerlingen elke tekst
openen.
De sleutels van Lezen in beeld:
• Verken de tekst.
• Lees de tekst. Denk vooruit bij het lezen.
• Controleer of je begrijpt wat er staat.
• Bepaal de bedoeling van de schrijver.
• Verwerk de informatie uit de tekst.
• Kijk terug. Trek conclusies.
Een blok van Lezen in beeld beslaat standaard vier weken. Elk blok heeft een
eigen thema. Die thema’s komen elk jaar - in dezelfde vaste volgorde -
terug. Dat is voor de leerlingen heel herkenbaar.
De thema’s zijn:
• blok 1: omgeving
• blok 2: natuur
• blok 3: reizen
• blok 4: gevoel
• blok 5: verhalen
• blok 6: samen leven
• blok 7: cultuur
• blok 8: andere tijden
Alle blokken van Lezen in beeld zijn op dezelfde manier opgebouwd. De eerste
drie weken bevatten de basislessen; aan het begin van de vierde week is er een
toetstaak. Elk blok zet één leesstrategie centraal. De toetsles
maakt duidelijk of kinderen de doelen van het blok hebben bereikt. Is dit niet
het geval, dan maken ze in de vierde week een herhalingstaak. De andere leerlingen
gaan aan de slag met plustaken.
Tutorlezen
Een aantal keren per jaar zijn we bezig met tutorlezen. Dit is een vorm van
lezen waarbij oudere kinderen met een hoger leesniveau, jongere kinderen helpen.
De kinderen die hulp geven, doen dit op vrijwillige basis en krijgen training
voordat met de hulp wordt begonnen. Tutorlezen wordt zo’n 4 keer per jaar
ingepland. Deze vorm van lezen vindt, voor een aantal weken, aan het begin van
de ochtend of aan het begin van de middag plaats. Dit is afhankelijk van de
roosters van de groepen.
Terug naar Lesmethoden